De Dharma

 

Ruim 2500 jaar geleden leefde Prins Siddhartha Gautama in Noord India. Na een lange spirituele zoektocht bereikte hij de volledige verlichting en werd een Boeddha. De Boeddha onderwees ruim 40 jaar lang. De essentie van zijn onderricht gaat over het opheffen van het lijden van voelende wezens.

Iedereen kan in principe Boeddha worden door alle positieve kwaliteiten van de geest te ontwikkelen en alle negatieve aspecten van onze eigen geest te verwijderen.

De leer van Boeddha Shakyamuni is kort samengevat in zijn eerste belangrijke onderricht: de vier edele waarheden:

  1. Het leven is van lijden doortrokken, zoals het fysiek en mentaal ervaren van tekort en verlies.
  2. De oorzaken voor dit lijden zijn storende emoties zoals gehechtheid, afkeer en fundamentele onwetendheid. Deze vergiften laten sporen na in de geest. Hoe dieper deze sporen, hoe bepalender ze zijn voor onze toekomst.
  3. Het is mogelijk om het lijden definitief te stoppen en blijvend geluk te ervaren
  4. De manier waarop we dat kunnen bereiken gebeurt in de eerste plaats door de fundamentele onwetendheid over onze eigen aard en die van de fenomenen op te heffen. De kern van deze onwetendheid is niet zien of willen zien dat er niets is dat op zichzelf bestaat. In de tweede plaats ontwikkelen we een ethisch gedragspatroon

Het woord lijden (dukkha) verwijst in het boeddhisme naar alle soorten van ongemak, problemen en frustraties. Bijvoorbeeld het gedwongen samenzijn met iets wat je niet aanstaat. Dit lijden - zelfs lichamelijk lijden - speelt zich uiteindelijk af in onze geest: voortdurend duiken er discursieve gedachten op over onze conditie, we gaan er verder op in, ze worden een onophoudelijke gedachtestroom en uiteindelijk identificeren we ons met deze gedachten. Door onze geest aan te pakken, kunnen we ook onze ervaring van lijden veranderen, en zelfs volledig opheffen.

Cruciaal in het boeddhisme is het trainen van de geest het ontwikkelen van een altruïstische levenshouding. Onze geest kunnen we trainen door te mediteren. Zo ontdoen we onze geest van valse projecties en negatieve gewoontepatronen. De altruïstische levenshouding bestaat erin dat we ons tot doel stellen van andere levende wezens te helpen het geluk te vinden, hen van lijden te bevrijden of ze op zijn minst geen schade toe te brengen.   

De essentie van Boeddha's onderricht ligt vervat in de drie hoofdzaken van het pad: het verlangen naar bevrijding, de wens om een boeddha te worden teneinde alle levende wezens van het lijden te bevrijden, en het ontwikkelen van wijsheid. Aanvankelijk proberen we af te komen onze eigen problemen die veroorzaakt worden door onze verwarring en de gevolgen daarvan: onze gehechtheid aan ons eigen ik. Vervolgens zien we dat andere mensen ook vergelijkbare problemen hebben, en met liefde en mededogen wijden we ons hart aan het doel zelf een boeddha te worden zodat we met onze wijsheid op grote schaal anderen kunnen helpen. Om een  boeddha te kunnen worden is het essentieel dat we de wijsheid ontwikkelen die de ware aard van onszelf en andere verschijnselen begrijpt.

Een aantal kernbegrippen van het boeddhisme:

  • Mededogen: wanneer we alle voelende wezens als minstens zo belangrijk als onszelf beschouwen, dan creëren we vanzelf de oorzaken voor geluk.
  • Wijsheid: alles bestaat relatief - een bijzonder moeilijk te verwoorden begrip, ook wel de  leegte of zelfloosheid genoemd. De essentie is dat niets op zichzelf bestaat, dat alle fenomenen zijn samengesteld.
  • Meditatie: een belangrijk hulpmiddel om onze geest te begrijpen, te leren beheersen en onszelf positief te ontwikkelen. Het gaat hier niet over het stoppen van de gedachten. We leren de geest tot rust brengen en te concentreren op éénpuntige wijze, door te kijken naar wat de geest van moment tot moment uitvoert. Zonder deze gedachten te veroordelen gaan we met onze aandacht opnieuw naar ons steunpunt.
  • Toevlucht nemen: dit is 'boeddhist worden' oftewel vertrouwen schenken in de drie juwelen: de Boeddha, zijn leer (dharma) en de boeddhistische gemeenschap van spirituele vrienden (sangha).
  • Bodhisattva: Sanskriet voor 'verlichtingswezen'. Een persoon die de motivatie heeft om alle voelende wezens naar de verlichting te voeren. Daarom is hij bereid om voorlopig niet op te gaan in de staat voorbij alle lijden maar telkens opnieuw te worden geboren in één van de bestaanswerelden teneinde alle levende wezens uit het lijden te bevrijden.
  • Karma: onze daden op het niveau van lichaam, spraak en geest, hebben gevolgen voor onszelf en voor de anderen. Heilzame daden veroorzaken geluk, schadelijke daden veroorzaken lijden.
  • Wedergeboorte: alle voelende wezens tollen rond in een eindeloze bestaanscyclus van eindeloze wedergeboortes in 1 van de zes bestaanswerelden. In elke bestaanswereld ervaren we lijden. We kunnen ons hiervan bevrijden door onze geest te ontwikkelen en zo het uiteindelijke geluk te realiseren.

 


Yeunten Ling - Dharma

Onderricht

 

In het boeddhistisch onderricht zullen de vele thema’s door gekwalificeerde leraren worden toegelicht voor zowel studie, meditatie en de beoefening in de praktijk.

Een lama is een leraar, een spirituele gids. Hij is geen priester of missionaris. Hij bemiddelt niet tussen de mens en de hogere werkelijkheid, hij koestert geen enkele ambitie om van iemand een Boeddhist te maken. De vraag naar onderricht komt van de Westerlingen, en dat is dan ook de reden dat de Lama’s zich hier onder ons bevinden. Daarvoor zijn we hen dan ook enorm erkentelijk.

De lama kiest zelf volledig vrij of hij al dan niet zijn geloften van monnik (of moniale in het geval van vrouwen) aflegt. Hij onderwijst maar preekt niet. Hij beantwoordt de vragen die men hem stelt op pragmatische wijze.

Het boeddhisme is geen theorie: de bedoeling is de zaken ten goede te veranderen, in de menselijke relaties, in de geest, de spraak en het gedrag van de beoefenaars en in de beoefening zelf. Een lama staat klaar als men een beroep op hem doet, maar dringt zich niet op.

Als hun aanwezigheid in België zo belangrijk is geworden, is dat omdat men hen de ruimte heeft willen bieden, en niet vanuit een veroveringsdrang van hun kant. En ongetwijfeld ook omdat dit het juiste moment is voor de ontmoeting tussen Oost en West: de absolute geweldloosheid die het boeddhisme uitdraagt meer dan ooit beantwoordt aan de verzuchtingen van onze medeburgers.

De volgende onderwerpen worden regelmatig opgenomen in het programma:

  • Shinee of kalmtemeditatie betekent ‘in vrede vertoeven’. De geest die tot rust is gebracht en zich niet gemakkelijk laat afleiden vertoeft in meditatieve concentratie of shamatha (Sanskriet). De opeenvolgende stadia van het stabiliseren en het plaatsen van de geest stap voor stap worden ingeoefend. Zonder innerlijke rust kunnen we immers geen wijsheid en mededogen ontwikkelen.
  • Lhaktong (analytische meditatie): Al wat bestaat, zowel in Samsara als in Nirvana, gebeurt in de geest. De grote yogi’s geven dan ook de raad om wat we waarnemen en denkengrondig te onderzoeken. Van nature is de geest helder en licht. Discursieve gedachten verbergen de oorspronkelijke lichtheid van onze geest. De analytische meditatie stelt ons in staat om te onderzoeken wat er zich in onze geest afspeelt. Zo ontwikkelen we inzicht in de manier waarop onze geest functioneert. Dagelijkse praktijksessies leren ons om de geest in een ongekunstelde en onverstrooide toestand te plaatsen.
  • Lodjong: Deze krachtige eeuwenoude praktijk voorziet ons van vaardige middelen die ons leren hoe we alle omstandigheden van het dagelijks leven kunnen gebruiken als basis voor innerlijke transformatie.

De praktijk bestaat uit 7 punten:

  • De voorbereidende praktijken

  • Het opwekken van de verlichtingsgeest

  • Raadgevingen voor het dagelijks leven

  • Raadgevingen die het leven en de dood betreffen

  • Criteria om de vooruitgang af te toetsen

  • Voorschriften om de geest te trainen waaronder de praktijk van uitwisseling (Tonglen)

  • Praktische raadgevingen

Een ideale gelegenheid om het Boeddhisme te leren integreren in de dagelijkse werkelijkheid van ons gezinsleven en ons werk.

  • Toevlucht nemen betekent ‘bescherming’ zoeken in de ‘Drie Juwelen’: de Boeddha (de leraar), de dharma (de raadgevingen), en de sangha (de gemeenschap van leraren en beoefenaars). Toevlucht vraagt een minimale vorm van toewijding.

Als je er ten volle van overtuigd bent dat je je leven wil enten op de Boeddhistische principes, en beslist de Boeddha als persoonlijke gids te beschouwen, de dharma als een leidraad in het leven en de sangha als een ondersteuning, kan je toevlucht nemen.

Dankzij de toevlucht zullen de resultaten van positieve en heilzame activiteiten beter gedijen. Een krachtige tendens schrijft zich in het leven van de beoefenaar in.

De toevluchtsceremonie is een formele bevestiging van dit inzicht.


Yeunten Ling - Meditation

De drie voertuigen

 

‘Het’ Boeddhisme bestaat niet. Over het algemeen wordt er gesproken van drie grote stromingen. Daarnaast bestaan er tal van kleinere scholen en in het Westen krijgt het Boeddhisme ook een andere vorm dan in de Oosterse landen van oorsprong.

Het Theravadaboeddhisme is de oudste van de drie grote boeddhistische tradities. Theravada is Pali voor de leer (vada) van de ouderen (thera) of de 'oude leer'. De benaming impliceert dat deze leer teruggaat op de alleroudste tradities van het vroege boeddhisme met als canon de geschriften van de Tripitaka (Sanskriet) of de drie Korven) die is opgesteld in het Pali.

In Theravada staat de Boeddha, de historische figuur Sidhartha Gautama, centraal. Andere boeddha’s, zoals de boeddha van de toekomst, Boddhisattva’s en beschermers hebben enkel een symbolisch en theoretisch belang. Een Theravada tempel is herkenbaar aan de beeltenissen die er aanwezig zijn. Het zijn bijna uitsluitend afbeeldingen van de (historische) Boeddha in zijn monnikengewaad en hier en daar ook een discipel (monnik). De doelstelling van het Theravada is het bereiken van het nirwana(Sanskriet) voor het individu. In dit eerste niveau binnen het boeddhisme, ook wel het ‘kleine voertuig’ genoemd, is de praktijk geconcentreerd op de persoonlijke bevrijding. De beoefenaars leggen zich toe op het afstand doen van het wereldlijke en het tot rust brengen van de emoties. Daarnaast bestuderen ze de onderlinge afhankelijkheid van alle fenomenen en basisdoctrines zoals de ‘vier edele waarheden’.

Theravada wordt ook de zuidelijke traditie genoemd. Het is de belangrijkste levensbeschouwing in Zuid-Azië in Sri Lanka, en in Zuidoost-Azië in de landen Myanmar (Birma), Laos, Cambodja en Thailand. Thailand neemt daartussen op geografisch, economisch, politiek en boeddhistisch vlak (door het aantal tempels en monniken) de grootste en belangrijkste plaats in. Door de migratie van vele Thai naar westerse landen is het Thaise boeddhisme hier steeds meer aanwezig.

Het Mahayana of het boeddhisme van het grote voertuig verschijnt in India bij het begin van onze jaartelling. Historisch werd het beschouwd als een latere ontwikkeling van het originele onderricht van de Boeddha. Het richt zich op de ontwikkeling van de bodhicittagedachte, of de wens de verlichting te bereiken teneinde alle levende wezens te bevrijden.

In het grote voertuig, Mahayana, kijkt men verder dan de persoonlijke bevrijding. Het gaat om een inzicht in de leegte van alle fenomenen, een groot mededogen, en het herkennen van de natuur van de verlichting of de Boeddhanatuur die in elk levend wezen aanwezig is. In het Mahayana is de verlichting voor iedereen bereikbaar. Bij de dagelijkse beoefening staan liefdevolle vriendelijkheid en mededogen voor andere voelende wezens voorop. De Mahayana-benadering legt de nadruk op onze pogingen om anderen, in welke situatie ze ook mogen verkeren, zo goed mogelijk van dienst te zijn.

In het Mahayana spelen naast de historische boeddha vele andere abstracte en symbolische figuren, boeddha’s en vooral ook mannelijke en vrouwelijke Boddhisattva’s (Sanskriet) een grote rol. In de Mahayana tempels worden ze vaak uitgebeeld in koninklijke gewaden, kronen en juwelen. Het ideaal is de Boddhisattva: iemand die de verlichting bereikt heeft en zijn nirwana uitstelt om anderen te helpen de verlichting te bereiken.

Het Vajrayana of het diamanten voertuig is omstreeks de 6e eeuw in India ontstaan. Het wordt ook wel de geheime weg genoemd, de snelle weg of het esoterische voertuig van de tantra’s. Vandaag domineert het Vajrayana boeddhisme de streek van de Himalaya in Tibet, Nepal, Bhutan en Mongolië. Het wordt Vajrayana genoemd omwille van het gebruik van de vajra als ritueel symbool, of de onvernietigbare diamant. Centraal in het Tibetaans Boeddhisme staat de Lama of de geestelijke leraar. Sinds de negende Eeuw zijn er verschillende overdrachtslijnen ontstaan. De methode van het Vajrayana bestaat erin leegte en mededogen als onverbrekelijk geheel te realiseren.

Het Vajrayana boeddhisme is esoterisch in de zin dat de overdracht van bepaalde onderrichtingen enkel direct van leraar op leerling kan geschieden. ‘Geheim’ verwijst naar het feit dat zelfs wanneer het onderricht aan een derde zou worden doorverteld, deze er niets zou van begrijpen omdat hij zich simpelweg niet op het pad bevindt.